Medische noodzaak bij geneesmiddelen

Bij de terhandstelling (de dienstverlening door de apotheek) van geneesmiddelen komt de term ‘medische noodzaak’ regelmatig langs. Wij leggen graag aan u uit welk beleid wij daarover hebben.

Wat is een merkloos geneesmiddel?

Een merkloos geneesmiddel (ook bekend als generiek geneesmiddel) is gebaseerd op een door de overheid goedgekeurd geneesmiddel waarvan de beschermperiode (patent) verlopen is. Na deze periode wordt het geneesmiddel door andere fabrikanten nagemaakt en voor een goedkopere prijs op de markt gebracht. De overheid controleert of dit merkloze geneesmiddel net zo goed werkt als het origineel (merkgeneesmiddel) en of het aan dezelfde eisen voldoet. Pas na deze controles kunnen patiënten het geneesmiddel gebruiken.

 

Het uitgangspunt bij het verstrekken van merkloze geneesmiddelen is dat de werkzame stof (de basis van een geneesmiddel), de sterkte en de toedieningsvorm (capsule of tablet) hetzelfde zijn als bij het origineel. De werking en de kwaliteit van het merkloze geneesmiddel zijn dus exact gelijk aan die van het merkgeneesmiddel. De fabrikant mag wel andere hulpstoffen gebruiken om het geneesmiddel bijvoorbeeld een andere kleur, smaak of vorm te geven. Daarnaast ziet de verpakking er anders uit en heet het geneesmiddel anders dan u gewend bent. Er zijn vaak meerdere varianten op de markt van een merkloos geneesmiddel.

Laagste-prijsbeleid

We hanteren een laagste-prijsbeleid. Dat betekent dat wij het bedrag vergoeden van het geneesmiddel met de laagste prijs binnen een vooraf afgesproken bandbreedte. De apotheker kan binnen dit beleid zelf bepalen welk merkloos geneesmiddel hij of zij aan u meegeeft. Het assortiment van de apotheek is hierin bepalend.

 

Wij spreken met apothekers af dat wij een merkgeneesmiddel alleen vergoeden als er sprake is van ‘medische noodzaak’. Het uitgangspunt hierbij is: goedkoop waar het kan, duur waar het moet. Met dit beleid houden wij de zorg betaalbaar en kunnen wij voor u de premie zo laag mogelijk houden

Wanneer is er sprake van medische noodzaak?

Als u overgevoelig bent voor een hulpstof kan dit leiden tot onacceptabele bijwerkingen. Wanneer deze hulpstof wel in een merkloos geneesmiddel zit, maar niet in het merkgeneesmiddel, wordt er eerst een alternatief merkloos geneesmiddel (als dat er is) voorgeschreven. Als het alternatieve geneesmiddel ook bijwerkingen geeft, is er een medische noodzaak om het merkgeneesmiddel voor te schrijven. Er kan alleen sprake zijn van een medische noodzaak als u één of meerdere varianten van het merkloze geneesmiddel al eens gebruikt heeft, en/of er uit eerder gebruik bleek dat er redenen zijn waardoor het gebruik van het merkloze geneesmiddel medisch onverantwoord is.

 

Het komt erg weinig voor dat er sprake is van overgevoeligheid voor merkloze geneesmiddelen. Als er twijfel ontstaat kan de arts/apotheker samen met u een vragenlijst doorlopen om vast te stellen of de klachten daadwerkelijk veroorzaakt worden door hulpstoffen in het merkloze geneesmiddel.

Rol van de arts

Degene die een geneesmiddel mag voorschrijven (vaak de huisarts of medisch specialist) bepaalt welke werkzame stof nodig is en schrijft op basis daarvan een recept voor een bepaald geneesmiddel. Alleen als de behandeling met een merkloos geneesmiddel niet medisch verantwoord is, kan de arts besluiten een specifiek merk voor te schrijven en de aantekening ‘m.n.’ op het recept zetten. Deze afkorting staat voor ‘medische noodzaak’.

Rol van de apotheker

In de eerste plaats bepaalt de arts of er sprake is van medische noodzaak. Maar de apotheker heeft een belangrijke taak als het gaat om het beoordelen van recepten bij het uitgeven van geneesmiddelen. Wij maken afspraken met apotheken over de afgifte van zoveel mogelijk merkloze geneesmiddelen, tenzij er sprake is van medische noodzaak. De apotheker kan in de declaratie aangeven of er sprake is van medische noodzaak. Wij zullen de kosten dan volledig vergoeden.

 

Zodra de apotheker merkt dat u niet eerder een merkloos geneesmiddel heeft geprobeerd, wordt de voorschrijvende arts op de hoogte gebracht. Indien de arts de medische noodzaak niet kan onderbouwen, besluit de apotheker in overleg met de arts om eerst een merkloos geneesmiddel te proberen. De apotheker brengt u op de hoogte van de verandering.

Rol van de verzekerde

Als u het merkgeneesmiddel wilt gebruiken zonder dat uw arts dit medisch noodzakelijk vindt, dan kunt u dat aangeven bij de apotheek. U betaalt het geneesmiddel dan volledig zelf. Als u het niet eens bent met de beoordeling van uw arts en/of apotheek, kunt u de apotheek vragen om contact met ons opnemen. Onze medisch adviseur bekijkt dan of er sprake is van medische noodzaak.

Wetgeving

U heeft op grond van de wet niet zomaar recht op het merkgeneesmiddel als er ‘m.n.’ op het recept staat. Deze afkorting is alleen bedoeld om aan te geven dat behandeling met het merkloze geneesmiddel voor u niet medisch verantwoord is. De apotheker controleert altijd of er daadwerkelijk sprake is van medische noodzaak en daarom biedt een recept met ‘m.n.’ geen garantie op het krijgen van een merkgeneesmiddel.

 

De term ‘medische noodzaak’ is gebaseerd op artikel 2.8; lid 4 van het Besluit zorgverzekering: “voor zover behandeling met het door de zorgverzekeraar aangewezen geneesmiddel voor de verzekerde medisch niet verantwoord is”. De minister heeft bij het ontstaan van de regelgeving de medische noodzaak als volgt toegelicht: “De uitzondering op de aanwijzing van de zorgverzekeraar (…) is geregeld in het vierde lid. Ingevolge dit lid geldt de beperking van de keuze van de zorgverzekeraar niet jegens een verzekerde voor zover die beperking ten koste zou gaan van diens gezondheid; als het medisch niet verantwoord is de verzekerde slechts toegang te geven tot het aangewezen geneesmiddel, behoudt de verzekerde aanspraak op een ander geneesmiddel. Het gaat hier om een hoge uitzondering, slechts als het medisch onverantwoord is dat behandeld wordt met een door de zorgverzekeraar aangewezen geneesmiddel, bestaat aanspraak op een ander geneesmiddel.”

Samengevat

  • Artsen schrijven in principe altijd een merkloos geneesmiddel voor;
  • Als de arts een merkloos geneesmiddel voorschrijft, geeft de apotheek u ook een merkloos geneesmiddel mee;
  • Als de arts een merkgeneesmiddel voorschrijft zonder medische noodzaak (‘m.n.’) op het recept, dan geeft de apotheek u een merkloos geneesmiddel mee;
  • Als de arts een merkgeneesmiddel voorschrijft met ‘ m.n.’, geeft de apotheker u het merkgeneesmiddel mee;
  • Bij onduidelijkheden of vragen over de medische noodzaak neemt de apotheek contact op met de arts;
  • Als de apotheker in overleg met de arts besluit om af te wijken van het recept, brengt de apotheek u hier altijd van op de hoogte;
  • Als u het niet eens bent met de beslissing van uw arts en/of apotheek kunt u de apotheker verzoeken om contact met onze medisch adviseur op te nemen.